Op stap met Klaasje.

21 januari, 2008

Waddehaddeduddeda? (Nog mensen die nu spontaan terugdenken aan de Duitse inzending voor het Songfestival van 2000, of ben ik de énige die hard Eurovisiesongfestivalkijker -wat ‘n woord!- die nog gelooft in de kansen van la Belgique op Europa’s meest bekeken liedjeswedstrijd en ook trouw blijft volgen? Waarschijnlijk wel.) Twee blogposten op één dag? Waar gaat het naartoe met de mensheid? Wat ‘n verwennelijkheden, wat ‘n chance, wat ‘n oppepper op ‘n donkere maandagavond seg!

Jawel, na het opruimen van mijn kamer (tsja, mocht wel eens na 9 jaar verwaarlozing) beschik ik nu over een zee van ruimte in mijn favo plek in het huis. Daarom dacht ik: laat ik met de zee van tijd (kijk naar dat woordenspel!) die ik heb, nogmaals mijn blog updaten! Over 2 dagen zit ik immers weer in het Frankenland, en dan is internettijd zeldzaam. (Althans, dat hopen we.)

De titel van dit blogpostje is al descriptief genoeg. Op stap met Klaasje - simpel, maar schoon. Net zoals onze dag. (Ooooh. Achja, de meligheid.) Die dag begon ’s ochtends in Maison Malakoff, alwaar wij de mannelijke West-Vlaming achterlieten (“Trekt uwen plan, makker!” Neen, zo meedogenloos waren wij vrouwspersoontjes natuurlijk niet – de makker had namelijk zelf wilde plannen.) om ons samen in de richting van de Cité Universitaire te begeven. Daar waren we wééral uitgenodigd door de Duitsers (noot: zie mijn superspannende blogpost “Festen” voor meer info omtrent Duitsers & co), in het Duitse huis, in een Franse felblauwe keuken.

Klaasina begon daar meteen de party op gang te trekken, met haar enthousiaste gebabbel en mijn fototoestel in de aanslag, terwijl ik mijn pain viennois naar binnenwerkte en de mensen een paar chouquettes aanbood. Zei ik al eerder dat eten très important is?

Toen we de Duitsers achterlieten, zei ik tegen Klaasje dat ik het huis van de Belgen nu eindelijk wel eens wilde zien.

En daar was het dan. Geen idee waarom ze zoiets een “huis” noemen, maar bon.

Over de Cité Universitaire is het Parc Montsouris, waar Klaasje mij binnenlokte met de commentaar: “Daar spreken de bankjes!” Wat denkt u nu? Mwaha, goedgelovige Thomassin, dat gelooft toch niemand! Welgeteld één minuut later stond ik in het park, en warempel, de bankjes spraken! Leve de moderne technologie!

Letterlijk op stap met Klaasje.

Onschuldige voorbijgangers mochten foto’s van ons trekken!

Park-spotting.

Vogels; uw vrienden.

En bankjes!

Moegewandeld slenterden we terug in de richting van de tram, om daarna de metro op te hopsen. Maar liefst een halfuur lang sjakkerden wij ondergronds richting banlieue Saint-Denis, in het noorden van Parijs (noot: zie blogpost “madre, padre en de kleine chicotino” voor meer info omtrent Saint-Denis!).

Deze “basiliek” heeft maar één toren, omdat ze de missing tower gingen restaureren, en toen te lui waren om ‘m er terug op te zetten. Ik kan dat nog wel begrijpen.

Fascinerende glasraampjes.

De fascinatie van Klaas.

Ik en de basiliek.

Beeldekens.

Monumenten voor dode koningen.

Hierna was onze dag eigenlijk een beetje ten einde, maar de volgende namiddag trokken wij er weer eventjes samen dapper op uit. Direction: Cour St Emilion!

Daar zijn allemaal spannende shops.

En Parc Bercy ligt er vlak naast!

Klaasje was dol op de roosjes.

Tot slot post ik, voor de fans, nog even een foto van mijn harige zwarte bedvriendjes in Parijs; Mr Spock & Ninette.

Miauwkes.

 

Leave a Reply