Malakoffies.
22 januari, 2008
En de blogpret gaat gewoon onverminderd door! Ik ben nu bij mijn laatste lading foto’s, maar het is de bedoeling dat er deze week weer ‘n karrevracht pictures wordt getrokken, dus alle hens aan dek.
Vandaag breng ik u het verhaal van de Malakoffies. Dit kan u interpreteren als a) gebeurtenissen die zich in Malakoff afspelen (hoewel dat niet helemaal van toepassing is op deze post), of b) mensjes die in Malakoff resideren. Aan u de keuze.
Op een mooie dinsdagavond, een beetje voor Kerstmis, trokken wij namelijk naar de kerstmarkt van Malakoff, die met veel toeters en bellen was aangekondigd. Kerstmis in Malakoff is namelijk een waar feest, met overdreven en potsierlijke decoraties everywhere.

Geen commentaar.

Voor de kerstmarkt, moesten we eerst de metro nemen, aangezien we vertrokken vanuit Rue Lemercier, waar ik heel af en toe nog een klein beetje resideer.

Op de kerstmarkt was de party al helemaal begonnen toen wij eraan kwamen.

Ze waren best wel onder de indruk van al dat, euh, moois.

Plots kwam Ville de Malakoff op de proppen met een heuse show vol spanning en spektakel!

De Malakoffies bleven onder de indruk.
We hebben daar dan ook een halfuur lang, in de ijselijke koude, zitten staren naar dat spektakel met heuse steltlopers en vuurtechnieken en toestanden. Toen we helemaal onderkoeld waren, besloten we om terug te keren naar Maison Malakoff.

Waar de Malakoffies hun computerverslaving amper de baas konden.
De volgende avond hadden we maar liefst twee drukke activiteiten in onze agenda staan: schaatsen én diner bij Aude. Dat schaatsen had plaats voor het Hôtel de Ville, en wat eigenlijk een fijne activiteit had moeten zijn, werd een kleine ramp waarbij de baan in opperste staat van ontbinding was, de Johnny’s het rijk domineerden en we ook nog eens onze rugzak mee de baan op moesten slepen. Enfin, ik heb al amper een gevoel voor evenwicht, met een zak op mijn rug is er gewoon geen evenwicht.

Niet dat dàt de pret van de Malakoffies kon bederven!

En wanneer mijn vrienden rondsjeezen met een gezonde kleur op hun gezicht, zie ik er zoals gewoonlijk weer uit zoals het Spook van de Opera. Maar ach.
Daarna trokken we dus naar Aude, die – als mijn geheugen nog een beetje werkte – in Ivry woonde. Dat betekende dat we weer even de kou moesten trotseren om een metro te zoeken, en dan bij de eindhalte nog een bus moesten zoeken, om dat eindelijk in Aude’s huizige huis aan te komen.

Wij eten bij Fransoosjes.

Klaasje ging helemaal op in de wilde gesprekken.
Toen kwam de tijd om te vertrekken. Wij wandelden, geaccompagneerd door het Franse koppel, richting de bushalte, en mochten dan nog eens overstappen op een andere bus die ons naar Maison Malakoff zou brengen. Jammer genoeg hadden we die tweede bus net gemist, zodat we onszelf een halfuurtje mochten entertainen in de bushalte.

Freaks die wachten op de bus.
Maar de bus kwam uiteindelijk, na 26 minuten al! Hoezee hoezaa!

Freaks in de bus.
En omdat ik mij in de bus een beetje verveelde, besloot ik om foto’s te trekken van spannende dingen die men in de banlieues van Parijs terugvindt.

Ganzendingen.

Franse bus + Franse kerstversiering.
Om dit postje te eindigen nog even een fotootje van mijn babysitkinders Tom en Mathé, terwijl ze braafjes naar de televisie aan het kijken waren. (Jaja, ik heb gewerkt in Frankrijk!)

Dag, en tot binnenkort!
Op stap met Klaasje.
21 januari, 2008
Waddehaddeduddeda? (Nog mensen die nu spontaan terugdenken aan de Duitse inzending voor het Songfestival van 2000, of ben ik de énige die hard Eurovisiesongfestivalkijker -wat ‘n woord!- die nog gelooft in de kansen van la Belgique op Europa’s meest bekeken liedjeswedstrijd en ook trouw blijft volgen? Waarschijnlijk wel.) Twee blogposten op één dag? Waar gaat het naartoe met de mensheid? Wat ‘n verwennelijkheden, wat ‘n chance, wat ‘n oppepper op ‘n donkere maandagavond seg!
Jawel, na het opruimen van mijn kamer (tsja, mocht wel eens na 9 jaar verwaarlozing) beschik ik nu over een zee van ruimte in mijn favo plek in het huis. Daarom dacht ik: laat ik met de zee van tijd (kijk naar dat woordenspel!) die ik heb, nogmaals mijn blog updaten! Over 2 dagen zit ik immers weer in het Frankenland, en dan is internettijd zeldzaam. (Althans, dat hopen we.)
De titel van dit blogpostje is al descriptief genoeg. Op stap met Klaasje - simpel, maar schoon. Net zoals onze dag. (Ooooh. Achja, de meligheid.) Die dag begon ’s ochtends in Maison Malakoff, alwaar wij de mannelijke West-Vlaming achterlieten (“Trekt uwen plan, makker!” Neen, zo meedogenloos waren wij vrouwspersoontjes natuurlijk niet – de makker had namelijk zelf wilde plannen.) om ons samen in de richting van de Cité Universitaire te begeven. Daar waren we wééral uitgenodigd door de Duitsers (noot: zie mijn superspannende blogpost “Festen” voor meer info omtrent Duitsers & co), in het Duitse huis, in een Franse felblauwe keuken.

Klaasina begon daar meteen de party op gang te trekken, met haar enthousiaste gebabbel en mijn fototoestel in de aanslag, terwijl ik mijn pain viennois naar binnenwerkte en de mensen een paar chouquettes aanbood. Zei ik al eerder dat eten très important is?
Toen we de Duitsers achterlieten, zei ik tegen Klaasje dat ik het huis van de Belgen nu eindelijk wel eens wilde zien.

En daar was het dan. Geen idee waarom ze zoiets een “huis” noemen, maar bon.
Over de Cité Universitaire is het Parc Montsouris, waar Klaasje mij binnenlokte met de commentaar: “Daar spreken de bankjes!” Wat denkt u nu? Mwaha, goedgelovige Thomassin, dat gelooft toch niemand! Welgeteld één minuut later stond ik in het park, en warempel, de bankjes spraken! Leve de moderne technologie!

Letterlijk op stap met Klaasje.

Onschuldige voorbijgangers mochten foto’s van ons trekken!

Park-spotting.

Vogels; uw vrienden.

En bankjes!
Moegewandeld slenterden we terug in de richting van de tram, om daarna de metro op te hopsen. Maar liefst een halfuur lang sjakkerden wij ondergronds richting banlieue Saint-Denis, in het noorden van Parijs (noot: zie blogpost “madre, padre en de kleine chicotino” voor meer info omtrent Saint-Denis!).

Deze “basiliek” heeft maar één toren, omdat ze de missing tower gingen restaureren, en toen te lui waren om ‘m er terug op te zetten. Ik kan dat nog wel begrijpen.

Fascinerende glasraampjes.

De fascinatie van Klaas.

Ik en de basiliek.

Beeldekens.

Monumenten voor dode koningen.
Hierna was onze dag eigenlijk een beetje ten einde, maar de volgende namiddag trokken wij er weer eventjes samen dapper op uit. Direction: Cour St Emilion!

Daar zijn allemaal spannende shops.

En Parc Bercy ligt er vlak naast!

Klaasje was dol op de roosjes.
Tot slot post ik, voor de fans, nog even een foto van mijn harige zwarte bedvriendjes in Parijs; Mr Spock & Ninette.

Miauwkes.
Herentalsche bommekes.
21 januari, 2008
Op 8 en 9 december trokken twee Herentalsche bommekes naar Parijs. Onfortuinlijk genoeg ging dat niet zonder slag of stoot, want blijkbaar houdt niet alleen het Franse openbaar vervoer van een stakingtje af en toe – ook de Belgen vinden het fijn om hun volk lastig te vallen met dat soort dingen. Twee meisjes die eigenlijk rond half 11 in Gare du Nord moesten aankomen, arriveerden dus pas om iets na 14u. Dat zijn heuse drama’s des levens, beste mensen.
Toch probeerden we het niet te hard aan ons hart te laten komen. We trokken meteen een Franse crêperie in (de trouwe lezers van deze blog beseffen nu waarschijnlijk al wel wat voor belangrijke positie eten inneemt in mijn leven).

Zie die bommekes eens lachen!
Daarna besloten we om de echte toerist te gaan uithangen. Het was voor hen immers hun eerste keer in Parijs – en dan moet je zeer verplicht met de boot gaan varen. Nu, het treinverkeer zat niet mee, maar het weer zat ook niet echt mee. Regen, wind en bottekes die niet tegen water kunnen – ach, de drama’s des levens bleven zich maar opstapelen. Bij de boot aangekomen bleek dat door de regen de glazen van de boot helemaal verblubberd en aangedampt waren, waardoor er nogal weinig te zien was. Maar omdat wij ongelooflijk dappere grieten zijn – Mega Mindy time -, schoven wij het raam open en trokken onze sjaaltjes wat hoger op. Alle Japanners vonden dat zo’n fantastische ingeving, dat ze prompt ons voorbeeld volgen. Tja, iemand moet de slimste zijn hé.

Daniela heeft er zin in!

En haar gsmtoestel werkte op volle toeren.

Ja, zo ziet de Eiffeltoren eruit als je achter een verregend raampje zit.

De Schrik v/d Boot.
Na de geweldige boattrip, besloten we een warme chocomelk te gaan drinken – het weer liet niet veel anders toe. Toen trokken we terug naar mijn appartementje, alwaar we maar liefst één uur en half nodig hadden om ons klaar te maken. Matthias, die mee op restaurant ging, werd er een beetje moedeloos van, maar zette dapper door.
De volgende ochtend arriveerde de jongen weer op tijd om gebruik te maken van mijn internet. Toen duurde het zelfs nog iets langer om ons op te tutten.

Gelukkig had hij véééééééél geduld.
Het weer was iets beter, ons humeur was zoals gewoonlijk top en wij klefferden richting Montmartre, waar het Herentalsche gezelschap de Moulin Rouge toch wel toffer vond in de film dan in ‘t echt. Maar dat gevoel hebben wellicht de meeste mensen.


We probeerden ondertussen ook aan te tonen dat we in een zeer digitaal tijdperk leven…

…terwijl we bergen beklommen en afdaalden…

…en daar soms heel schattige dingen ontdekten.
Het weer begon weer te verslechteren, grmbl grmbl. We namen terug een metro en trokken naar het Louvre. De mond van de Herentalsche bommekes viel helemaal open bij het zien van al dat moois.

Ooooooohlaaaaaa.

Duidelijke gene kattepis.

Het begint afgezaagd te worden, maar uiteindelijk keerden ook deze meisjes heel moe maar voldaan huiswaarts. Met werkende treinen, hoeraaaa.
Madre, padre en de kleine chicotino.
7 januari, 2008
Mijn excuses, beste mensen, maar nu de feestdagen voorbij zijn en we ons weer allemaal hebben kunnen volvreten, heb ik weer even tijd voor dit blogding. En wat een achterstand, wat een achterstand! Het weekend waar u nu het verslag van zal lezen, speelde zich al af in het begin van december. Na deze fotoreportage volgt nog de geweldige komst van de twee bommekes uit Herentals, oftewel Daniela en Liesbeth, en pret in Malakoff met de West-Vlamingen (wauw, nu worden we even nostalgisch, want tegenwoordig noem ik hen eigenlijk gewoon echt bij naam!), oftewel Dina Tersago uit Brugge en de boyfriend, of gewoon kortweg Klaasje en Matthias.
Maar dat is dus voor later. Eerst vertel ik jullie over het weekend met de ouderlingen! Want dat was best wel heel erg fijn, buiten dat het weer dan niet echt meewerkte. Flink op tijd kwamen ze in Gare du Nord aan, waarna we naar het Ibis trokken (jazeker, die mensen verdienen nogal aan ons) en ik weer allemaal spullen toegestopt kreeg. Daarna ging het richting eilandjes, waar we de Conciergerie eens gingen verkennen.


Mijn ouders houden van dinokoeken.

Vader vindt het binnenplein alvast dolle pret.

De man in de straat.
Na de Conciergerie (vader was diep bedroefd dat hij de torens niet kon bezoeken) trokken we naar de Saint Chapelle. Dat vonden de ouderlingen, die niet snel onder de indruk zijn, dan best wel weer heel erg indrukwekkend!

Zo ziet die er langs buiten uit; heel erg goed verstopt.

En zo ziet ie er langs binnen uit!
Dit is het justitiepaleis (of toch zoiets, ik moet mijn Parijse gidsjes eens wat beter lezen) dat zich ernaast bevindt en dat ik gewoon heb getrokken omdat het er spannend uitzag en er vlaggetjes opstaan. Ja, dat is een goede reden, al zeg ik het zelf.

En dit is een superstijlvolle foto van de énige échte Notre Dame!
Na al die heilige kapellen en justiepaleizen en Onze Madam besloten we dat het tijd was om een beetje de rich & famous uit te hangen. Als de echte wannabes die we zijn, trokken we -weeral- naar Gare de Lyon, om daar nog wat chocolate caffé naar binnen te werken. Mmm.

Ik doe chichi.
’s Avonds trokken we naar Saint Denis, zo’n spannende banlieue waar je mensen hebt in alle kleuren en maten. Daar staat namelijk de eerste gotisch kerk ooit gebouwd, bedacht door Abt Sugar himself. (Tot zover de dingen die ik wél kon onthouden tijdens de lessen kunstgeschiedenis…) Maar ach, o wee, het jammerlijke ding was al dicht toen wij eindelijk in het stadje arriveerden. En dus – geen foto’s. Maar pas de panique, ik ben later teruggekeerd met Klaasje en dat verslag volgt nog. Jaa, ik weet heus wel dat de suspense iedereen aan het killen is.
Maar goed, geen gotiek in Saint-Denis dus. Wij trokken weer naar het centrum van Parijs en begaven ons naar de Champs Élysées, alwaar de kerstdecoraties vrolijk flikkerden. Oooooh.

Wegens hoogtevrees is dit niet uitgetest.


Jaja, de stad pompt nogal geld in hun lichtjes.
De volgende dag was een grauwe, grijze dag met veel neerslag. (Welja, soms komt de Frank Deboosere in mij helemaal tot leven.) We lieten het niet aan ons hart komen en trokken naar het 16de arrondissement. Daar botsten we op het monument voor Diana – en we trokken er een foto van. (Soms komt de ramptoerist in ons ook helemaal tot leven.)

Na de fotoshoot staken we de brug over, naar het rioolmuseum. Je wandelt daar gewoon echt heus waar door de riool. En je krijgt er ook nog massa’s informatie bij. Een spannende, leerrijke trip – die ook lekker stinkt.

Kijk hoe iedereen de informatie in zich opneemt.
Next stop: Invalides, ook wel bekend als legermuseum, schoon-gouden-koepel-ding en laatste rustplaats voor Napoleon. Dat zijn gewoonweg 3 dingen voor de prijs van één!

In dit donkere geval ligt Napoleon.

Dit is voor de mensen die niet weten wie Napoleon is.

Dit is het wapenmuseum.

Dit is de kerk voor de soldaten.

En dit is die beroemde gouden koepel.
Onze dag was weeral bijna ten einde! Omdat het de eerste zondag van de maand was, wisten we dat alle musea gratis waren – en ook het Louvre! De ouderlingen wilden nog wel wat extra cultuur opsnuiven, en dus trokken we naar het chiqueste museum van Parijs.

Daar vind je bijvoorbeeld dingen van Michelangelo!

Terwijl papa nog wat meer informatie in zich opnam, staarde moesje de zaal wat rond. Ze kan dat op een zeer intellectuele wijze doen.
Het Louvre ging sluiten en ook onze tweedaagse deed de, euh, boeken dicht. Of andere spannende spreuken die hier meer op hun plaats zijn. Dag!
